Over Revue 2: Wat is een revue?

Het fenomeen: Revue

In de tijd tussen de twee wereldoorlogen was er een opbloei van een vorm van amusementstheater dat  “De Revue” heette. Het bestaat uit grote dans- zang- en variété-acts. Ook zijn er luchtige, komische sketches. Dit soort theater was aan het einde van de negentiende eeuw ontstaan in Frankrijk en overal heel populair geworden.  

In 1922 werd de Bouwmeester Revue opgericht door Louis Bouwmeester junior. (1884-1931).  Na zijn dood werd het gezelschap overgenomen door zijn vrouw, Louise Bouwmeester-Sandbergen. Dit revuegezelschap was heel beroemd, want er werd veel geld besteed aan de shows. Er waren dure decors en kostuums en er werden beroemde buitenlandse balletgroepen aangetrokken, om in de revue op te treden. Het was een enorm succes bij het publiek. Deze dame his één van de inspiratiebronnen geweest voor het personage tante Bep. Haar karakter heb ik zelf helemaal verzonnen. 

Ook in Hoorn leefde “De Revue.” Daarbij moeten we denken aan een belangrijke persoon in onze stad, die zijn naam heeft achtergelaten in een aantal panden dat hij later kocht. Je kent ze wel: “De Ridderikhoff panden”, die horen tot de oudste monumenten in Hoorn. In die tijd kon er zich in Hoorn en omgeving namelijk vrijwel geen toneel- of muziekvoorstelling plaatsvinden zonder dat dhr. Johan Ridderikhoff (Jo Ridderikhof) eraan te pas kwam. Van 1921 tot 1936 organiseerde hij elk jaar een revue. Die werden uitgevoerd door het “Hoornsch Revue-Gezelsschap.” Deze naam heb ik dus schaamteloos “gepikt.”, maar dat wil niet zeggen dat het Hoornse Revuegezelschap uit mijn verhaal één op één gelijk is aan dit gezelschap.   De crisis en de oorlog maakten een eind aan de grote voorstellingen.

In 1927, één jaar voor mijn verhaal, trouwde Jo Ridderikhoff met Guurtje Rond. Hij had contact met Jan Wilson. Die had in 1912 tijdens een kostuumveiling 100 kostuums aangekocht. Dat vond Jo Ridderikhoff gewelding. Hij hielp Jan Wilson vaak in een pand aan de Kerksteeg. In 1924 kreeg hij de kans om de zaak over te nemen en dat deed hij met enthousiasme. In 1928 kocht hij ook de kostuums van de Revue Henri ter Hall, omdat dat gezelschap ter ziele was gegaan. Voor vijf gulden moest meneer Ridderikhoff per spoor of met paard en wagen naar veel gezelschappen, rond 1915. 

Jarenlang was meneer Ridderikhoff degene in Hoorn waar je naartoe moest gaan voor goede kostuums, grime etc. Deze man heeft een grote rol gespeeld in het theaterleven en ook zeker in het amateur-theaterleven van Hoorn. Niet alleen als costumier, grimeur, regisseer, maar  ook omdat hij één van de mede initiatiefnemers van de bouw van de oude Park Schouwburg was.  

Als u meer te weten wil komen over de historische achtergronden van dit verhaal, kunt u de onderstaande achtergrondartikelen lezen. Er is dankbaar gebruik gemaakt van allerlei informatie uit allerlei bronnen. Het internet is hierbij veel geraadpleegd. Ook is er gebruik gemaakt van Hoornse bronnen, zoals De beeldbank van Oud Hoorn, de website van Vereniging Oud Hoorn, Het boek 1852-2004 het park, anderhalve eeuw aan de Westerdijk (Arie van Zoonen) en het boek Kom vrouwen, aangepakt! (Bart Lankester)